^Back To Top

Historische Vereniging Zuytlant

Uitbreiding Blushus (wie maakt het vol?)

€ 10000
donation thermometer
donation thermometer
€ 9000
donation thermometer
90%
Laatste update
dec 2016
WIE MAAKT HET VOL? U kunt uw gift overmaken op IBAN: NL82 RABO 0119.3257.48 ten name van Historische Vereniging Zuytlant. Uw gift is aftrekbaar mbt uw belastingaangifte.

De Stamboom van Zuidland

stamboomvanzuidland small

Alle Slandenaars verzameld
in woord en beeld 

 

 

Oorlogskalender (deel 2)

Van de hand van de heer P. Buis zijn in de nieuwsbrieven van de midden jaren negentig stukken verschenen die tesamen een oorlogskalender vormen.

Dhr Buis stelde dit samen aan de hand van zijn eigen ervaringen en herinneringen als jongetje (van 6 jaar toen de oorlog begon), het archief van de Gemeente Zuidland en het boek "Zuidland Dorp uit het niet" van S. de Hoog en natuurlijk de verhalen uit de overlevering. 
Een heel belangrijke bron was echter de persoonlijke aantekeningen van de heer A.E.C. van der Pols die alle belangrijke gebeurtenissen in Zuidland tijdens de oorlog had bijgehouden op datum.

Dit is het tweede gedeelte (1941)

  • Een vrolijk nieuwjaar zij ons geschenk
  • dat ons weer onze oude grenzen brengt
  • en onze vijand aan de galg hangt

Om de moed er in te houden waren dergelijke ontboezemingen wel nodig, immers de burgerij begon steeds zwaarder de druk te voelen van de oorlog. Ook de hoop op een spoedige vrede was nog niet gestorven. Maar de weg naar de vrede was nog heel, heel lang.

10 februari 1941
"1 en 5 bommen kortbij gevallen"
Weer schrijft Van der Pols niet waar de bommen vielen. Blijkbaar ergens in de landerijen waar zij verder geen schade aanrichtten.

15 februari 1941
"4 bommen op Zuidland, 4 druivenserres, Sevenhoven"
Kort is de notitie, maar niet gering de schade. Op de tuinderij van de fam. Sevenhoven aan de Beeldsweg (thans bebouwd door de Groene Kamers) werden vier druivenserres vernield. Een niet geringe schadepost. Over eventuele schadevergoedingen zijn geen stukken in het gemeentearchief te vinden. De bommen bij Sevenhoven troffen oo de hoek van de schuur van landbouwer Arie Zoeteman, bij de inrijdeur. Deze boerderij wordt thans (1994) bewoond door J. Buth.

2 maart 1941
"Enkele bommen te Biert"
Waar zij vielen vermeldt Van der Pols niet.

4 maart 1941
De burgemeester krijgt toegestuurd een ontvangstbewijs dat in Bergen op Zoom zijn aangekomen de dienstplichtregisters van de gemeente Zuidland van de lichtingen 1920 t/m 1941. Uit deze registers haalden de Duitsers de namen van hen die konden worden opgeroepen om in het kader van de Arbeidseinsatz naar Duitsland te kunnen worden gezonden.
Er zijn in 1943/1944 ook inderdaad heel wat Zuidlandse jongemannen opgeroepen om in Duitsland in fabrieken of op andere plaatsen te gaan werken. De meesten die een oproep kregen, gingen. Zij hadden niet de moed of de gelegenheid om onder te duiken. Slechts enkelen doken onder. Later in dit overzicht kom ik er nog even op terug.

17 maart 1941
"Bommen bij Abbenbroek, steenscherf 20 m van ons huis af. Benzine in brand (Pernis)."
Kennelijk hadden de Engelsen een aanval uitgevoerd op de olietanks te Pernis.

18 maart 1941
"bommen te Zuidland. lichtfakkels en vuurwerk".

19 maart 1941
"bommen, afweer, om 22 uur ging het licht uit."

20 april 1941
"Grote luchtactie, vele branden te zien."

29 april 1941
"3 bommen, recht voor het huis, +/- 500 meter,gevallen."
Dat was in de buurt van de voormalige vuilstortplaats aan de Stationsweg.

3 mei 1941
"14 bommen bij Simonshaven gevallen"

10 mei 1941
"Engelse jager bewerkt het zoeklicht te Zuidland (met mitrailleurs)".

27 mei 1941
"Engelse vlieger te Simonshaven bevragen, was +- 1 jaar geleden daar gevallen."
Inderdaad vermleden de annalen van de Luchtmachtvoorlichtingsdienst, dat op 6 juni 1940 een Wellington van de RAF (Engelse luchtmacht) bij Simonshaven neerstortte. Er waren 2 doden in het Haringvliet gevonden. Blijkbaar heeft men omstreeks 27 mei 1941 nog een derde man gevonden. Dat moet dan de vlieger zijn die op 27 mei te Simonshaven werd begraven. Overigens liggen in Simonshaven twee Engelse vliegers begraven.

4 juni 1941
Op deze dag komt goedgekeurd van Gedeputeerde Staten terug het gemeenteraadsbesluit betreffende het na de oorlog in eigendom van de gemeente overgaan van de barakken waar de zoeklichtbemanning in was ondergebracht.

11 juni 1941
"Om 24 uur kwam +/- 300-500 meter hoog over de tuin een Engelse bommenwerper brandend heen, die bij Hellevoetsluis in het Haringvliet is gevallen, 6 man gered." aldus een notitie van Van der Pols.

18 juni 1941
Bleef Zuidland tot de 18e juni voor het feitelijke oorlogsgeweld nog vrijwel gespaard, de 18e juni was het mis, of beter gezegd, was het raak en goed ook! Lees van Van der Pols noteerde:
"+/- 1.15 uur te Zuidland 14 bommen, dwars over het dorp gevallen (150kg per stuk) 3 doden. Langs het Langeslop, Achterweg tot zoeklicht. Flink nachtverkeer". (Door Van der Pols zijn na het bombardement wat fotos gemaakt. Sommige daarvan heeft hij na de oorlog opgestuurd naar het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie).

Lees ook het hierna volgende uitgebreide citaat uit een officieel rapport van burgemeester van Andel:
"...heb ik de eer Uwe Excellentie het volgende te rapporteren. In de nacht van dinsdag 17 op 18 juni 1941 verscheen boven de kom van het dorp Zuidland een vliegtuig, dat niet minder dan veertien of zestien bommen, zgn lichte, dus van 50 kg liet vallen. Het waren brisantbommen. De uitwerking was vreselijk. Ruim 200 woningen en gebouwen werden getroffen. Tien werden volledig met de grond gelijk gemaakt, vele andere zwaar beschadigd en de meeste kregen grote en minder grote glasschade.
Drie burgers werden gedood. Een jonge vrouw, die haar tweede kind verwachtte, werd vrijwel onmiddellijk gedood. Dit was de echtgenote van de schildersknecht Cornelis Bosschieter. De andere twee waren Hendrik Klok en zijn echtgenote Zoetje Pille, die, ofschoon in zeer zorgwekkende toestand, op medisch advies zijn overgebracht naar het Diaconessenhuis te Rotterdam, waar zij echter beiden al heel spoedig zijn overleden.
Voorts waren er, tot grote verbazing van iedereen, slechts 3 zwaar gewonden, die er het leven echter allen hebben afgebracht en met wie het - naar omstandigheden - zeer goed gaat.

Dat men zich over het gering aantal doden heeft verwonderd ligt voor de hand, wijl huisjes, die volkomen met de grond gelijk zijn gemaakt en waarin een heel gezin vertoefde, toch geen enkel leven in hun val vernietigden.
Ook dient hier vermeld, dat de buitengewone snelheid van de luchtbeschermingsdienst in al zijn onderdelen het meest mogelijke tot de redding van onder puin bedolven en ingesloten mensen heeft bijgedragen. De organisatie bleek voortreffelijk, de activiteit en koelbloedigheid enorm en ik kan slechts dankbaar zijn voor de uitstekende prestaties van de leden van die dienst, vrijwel allen zeer eenvoudige mannen, maar die wat willen en kunnen betreft, de stoutste verwachtingen hebben overtroffen.
Een afzonderlijk woord van hulde moet hier gesteld worden voor de gemeenteveldwachter Leendert Jansens, die de dienst heeft geleid en doen wereken, zo, dat ieder zijn optreden looft en prijst. En dat volkomen terecht.

Behalve de doden, die hier jl. vrijdag en zaterdag zijn begraven in tegenwoordigheid van de heer Jhr. J.J.F. Sandberg van het Departement van Sociale Zaken en mij, betreur ik ook zeer de ernstige beschadiging van de in 1918 gerestaureerde nederlandse Hervormde Kerk en de daarbij staande, eveneens toen gerestaureerde toren van de burgelijke gemeente. De oorlogsschadecommissie te Hellevoetsluis is vrijwel inmiddellijk in actie gekomen. Van het Departement van Sociale Zaken heb ik mondeling door de heer Jhr. Sandberg machtiging om de getroffenen van het eerstnodige te voorzien en ook van de Duitse autoriteiten, kreeg ik namens Dhr. Schwebel aanbod van hulp voor eventueel bijzondere noden.  Voor de vraagstukken, die rijzen met het oog op de wederopbouw van sommige woninkjes in te nauwe straten, heb ik de heer inspecteur van de Volksgezondheid voor Zuid-Holland Kiers uitgenodigd tot een bezoek. Hij hoopt a.s. dinsdag te komen. Voor de Kerk en toren heb ik het Rijksbureau voor Monumentenzorg in 't geweer geroepen en een afgezant daarvan is heden reeds een kijkje komen nemen. Na met hem te hebben gesproken, heb ik de heer Van Feeken (zo heette hij naar ik meen) geintroduceerd bij de heren kerkvoogden der Ned.Herv.kerk. Omdat ik een huwelijk moest voltrekken en daarna de heer Directeur van Winterhulp voor de provincie Zuid-holland moest ontvangen, weet ik nog niet, wat het resultaat van het onderhboud met de kerkvoogdij is.
Tenslotte mag ik nog gewagen van de velerlei medewerking, die ook de ambachtslieden van hun leveranciers blijkbaar hebben ondervonden en van de ijver en toewijding en snelheid waarmede ook de timmerlieden, glazenmakers en metselaars onmiddellijk na het gebeurde aan het werk zijn getogen om de getroffen woningen en gebouwen weer tegen wind en regen veilig te maken.
Het raadhuis is er met een paar scherven door de muren en voorts met glasschade afgekomen, zodat de gemeentediensten vrijwel geregeld konden doorgaan, ofschoon de werkzaamheden, doordat mijn personeel vrijwel geregeld konden doorgaan, ofschoon de werkzaamheden, doordat mijn personeel op het ogenblik toch reeds te klein was, wel enige vertraging hebben ondergaan. Intussen werken we met vereende krachten dat zeer spoedig bij.
(tot zover het rapport waarvan de spelling door mij is aangepast).

Leden van de luchtbescherming waren oa.: Jan Slings, Abr. Quak, Piet van Rij, J.P. van Bodegom (groenteboer), Henk Hoogstad (Henk van Mien), Hendrik Koornneef, C.P. Hoogvliet, D. van der Werf en J.A. van der Wal.

Zoals u wellicht hebt opgemerkt, maakt van der Pols melding van 14 bommen van 150kg per stuk, terwijl burgemeester van Andel melding maakt van "niet minder dan veertien of zestien bommen, zgn lichte, dus van 50 kg". Dit verschil in aantal en gewicht constaterend, mag ik opmerken, dat de schade er niet minder om was.
De bommenwerper had het klaarblijkelijk gemunt op het zoeklicht en het aggregaat, dat de stroom voor het zoeklicht opwekte. Het vliegtuig kwam uit de richting Hellevoetsluis. De eerste bom viel in de boomgaard van A. vd Burgh (hoek Beeldsweg/Kerkweg). Ik meen dat dit een blindganger was, dus een die niet ontplofte. Betreffende deze blindganger vernam ik later het volgende: "H.J. Poldervaart, W. de Graaff en J. van Bodegom zijn naar de blindganger gegaan waar door de Duitsers reeds een hek was omheen geplaatst, met opschrift. Zij zijn op de bom gaan staan en door wrikken hebben zij de staart met propellor van de bom losgemaakt. Dit staartstuk hebben zij meegenomen. Het gerucht ging dat de Duitsers zelf dit bombardement hadden uitgevoerd om de Zuidlanders te straffen voor hun anti-Duitse houding. Door Poldervaart en de Graaff werd echter geconstateerd dat de bom die zij demonteerden een Engelse bom was. Zij schakelden daarbij iemand in die de Engelse aanduidingen ongeveer kon ontcijferen.

De volgende twee bommen vielen op de weide van het zoeklicht, maar raakten dit niet, evenmin als het aggregaat, dat achter op "Huis en Hof" (tegenwoordig Christinastraat) stond, door een sloot gescheiden van de zoeklichtwei, hoewel dit maar een haartje scheelde.
De bommenketen kwam via de boomgaard van B. Oosthoek, via Verlorenkost (waar de woning van de familie Benne een voltreffer kreeg) aan in het centrum van het dorp, met de bovengenoemde noodlottige gevolgen. Ik herinner mij, dat ik samen met mijn vriendjes, de dagen na het bombardement speelde in de bomkraters op de zoeklichtwei en daar naar bomscherven zocht in de wanden van de krater. 
Tot de gebouwen die niet meer te gebruiken waren, behoorden de woning en het cafe van J. Meiburg. Deze kreeg een onderkomen in het Jeugdhuis waar het distributiekantoor gevestigd was, dat op zijn beurt weer moest verhuizen naar het pand Stationsweg 5 (thans garage Albers).
De winkelier K. Boer verhuisde met zijn gezin naar het pand waar later wed. Dokter woont en zette daar zijn winkel voort. Ook de andere getroffenen kregen successievelijk een onderkomen.

29 juni 1941
"Naar de kerk geweest zonder ramen, 1e keer na bombardement", zo luidt voor die zondag de notitie van Van der Pols. Dankzij het mooie weer van die dag was het goed doenbaar om de N.H. Kerk in glasloze toestand voor de eredienst te gebruiken. Ook de kerk was ternauwerdood de dans ontsprongen maar liep toch evenals de toren nog flinke schade op. In een brief van 22 juli 1941 aan het Departement van Binnenlandse zaken schatte burgemeester van Andel de schade op f 750, nl f 550 gulden aan ramen en uurwerk en f 200 gulden aan de muren. Voor die tijd flinke bedragen.

17 juli 1941
van der Pols: "ca. 17.30 kwam een zwerm Engelsen overvliegen, 15-20 m hoog. Rotterdam bewerkt, 22 schepen. Rijnaken voor overtocht naar Engeland."
Die rijnaken waren uitgerust met vliegtuigmotoren. Deze stonden standaard boven op het dek. Waarschijnlijk hadden de Duitsers een nieuwe methode van aandrijving en voortbeweging van de Rijnaken in de zin.
Het is bekend, dat in die dagen Hitler nog in de zin had om een invasie in Engeland te beginnen en daar nog steeds voorbereidingen voor trof o.m door het bouwen van een invasievloot.
De Engelsen hadden van die voorbereidingen lucht gekregen door middel van verkenningen en ook via hun inlichtingendiensten. Zij trachtten een stokje te steken voor de plannen van Hitler en overal waar zij konden bestookten zij de schepen, zo ook in Rotterdam. Ook in het Voorns Kanaal hebben dergelijke boten gelegen.

1 augustus 1941
Op die dag werd in de raad een verzoekschrift van de middenstandsvereniging behandeld om de wederopbouwwerkzaamheden na het bombardement zoveel mogelijk door ingezetenen van de gemeente Zuidland te laten uitvoeren.
De raadsnotulen vermelden het volgende over deze zaak:
"Door voorzitter merkt op dat de Raad en B & W stellig gaarna zullen zien, dat het werk zoveel mogelijk door ingezetenen geschiedt. Spreker betwijfelt echter of zij daarin veel invloed kunnen oefenen. B &W zijn echter diligent. Het wederopbouwen geschiedt door de wederopbouwdienst met als supervisor het instituut stad en landschap van zuid-holland. Voor het uitwerken van plannen, bestekken en tekeningen is een architect nodig, waarbij het college, in overleg met de betrokken autoriteiten, architect a. Dekker te Spijkenisse, die op dit gebied zijn sporen van bekwaamheid heeft verdiend, wil aanstellen. Waar mogelijk zal de Zuidlandse middenstand worden ingeschakeld. Bij het gunnen der werkzaamheden hangt echter ook veel af van de houding der ambachtslieden zelf. De raad verenigt zich blijkbaar met deze beschouwingen".

Kennelijk had de wederopbouwdienst toch de grootste vinger in de pap bij de wederopbouwplannen en moest de raad zich dit laten welgevallen. Die dag boog de raad zich dus over het verzoek van de middenstandsvereniging, doch niet uitsluitend en alleen daarover, maar in verband daarmee ook de verbreding van het Lange Slop (Dorpsstraat), hetgeen hoogst noodzakelijk was voor het verkeer.

Na de oorlog werden aan het Lange Slop inderdaad enkele nieuwe panden gebouwd, veel ruimer, althans als men ze zou vergelijken met de panden die moesten worden afgebroken, onherstelbaar verwoest als zij waren door het bombardement.
Nog zijn de sporen van het bombardement in de Dorpsstraat merkbaar. tegenover kapper C. Overgaauw en boekhandel D. van Seventer is nog een onbebouwde ruimte, weliswaar wat gecamoufleerd door de aanwezigheid van een muurtje, zandbak en beplanting, maar toch stonden daar tot 18 juni 1941 huisjes. Zij werden ter oorzake van de beperkte ruimte nooit meer herbouwd. (inmiddels is de bedoelde ruimte getransformeerd in een fraaie tuin).

9 augustus 1941
"Lesvliegtuig te Zuidland gevallen"
Het was ditmaal geen Engels vliegtuig maar het was een Messerschmitt Bf-109 van de Luftwaffe, die ergens op een stuk land aan de Langeweg een noodlanding moest maken. Dit blijkt uit de gegevens van de Luchtmachtvoorlichtingsdienst. Het type Bf-109 was overigens geen lesvliegtuig maar een jager van de Luftwaffe, die in 1937 in de burgeroorlog van Spanje (Duitsland verleende toentertijd hulp aan het Franco-regime) zijn vuurdoop al had gekregen en bewezen had een prima gevechtstoestel te zijn.
Door dit ongeval schrok de NSBér wijlen M. Zevenbergen zo erg dat hij dacht dat de russen kwamen en de Russen waren, zoals u wellicht weet, bepaald geen vriendjes van de NSB. Het verhaal gaat, dat hij tegen zijn vrouw zei, die Maartje heette:
"Machteg Maortje, daar komme de Russe". Deze uitspraak werd jarenlang tot ver na de oorlog gebruikt, voornamelijk door de jeugd, bij onverwachte of grappige situaties.

24 augustus 1941
"weer glas in kerkramen, bij dienst geweest"
De N.H. kerk was toen al zover hersteld, dat er weer vanouds diensten in konden worden gehouden.

28 augustus 1941
"Bij Abbenbroek is een Spitfire neergekomen, jager."
Over dit ongeval met deze Engelse jager zijn geen nadere gegevens bekend.

1 oktober 1941
"Mof brandend gevallen bij 't Oostenrijk, kwam hier over heen."
Dit Duitse toestel was een Heinkel He-111. Er waren 4 doden.

18 oktober 1941
"Borden geverfd"
Overal in het land verschenen aanwijzings- en waarschuwingsborden van de Duitsers, zoals b.v. "Ortskommandantur". Zo ook in Zuidland. Van der Pols, die toen nog jong was, verfde op de borden bepaalde aanduidingen die de Duitsers niet zo erg welkom waren en die van der Pols een aardige straf zouden hebben opgeleverd als hij daarbij zou zijn ontdekt.

19 oktober 1941
"'t kerkorgel speelde weer, na het bombardement"
Beschadigd door het bombardement, was het orgel weer zover hersteld dat het weer bespeelbaar was.

29 oktober 1941
Het gemeentebestuur ontvangt van Heinrich Hanno en Co, cargadoors en expediteurs te Rotterdam, een schrijven van de volgende inhoud:
"Onder referte aan het desbetreffend aan U gericht schrijven van het Rijksbureau voor Non-ferro metalen Den Haag, waarin u werd medegedeeld, dat onze firma is belast met de inontvangstneming en weging der door U ingezamelde metalen, delen wij u mede, dat wij hiervoor: zaterdag 1 november te 9 uur v.m. een schip in lading hebben liggen en wel te Heenvliet, aan de NIeuwesluis, het schip  "Gebroeders", schipper v/d Linde. Wij verzoeken u derhalve er voor te zorgen dat bedoelde kwantiteit op die datum ter plaatse aanwezig is en wel zo vroeg mogelijk in de voormiddag. Wij vertrouwen op uw volle medewerking en tekenen, hoogachtend" enz.

De Duitsers hadden geen grote voorraden non-ferro metalen, zoals koper en brons, dus sleepten zij dit zoveel mogelijk weg uit de bezette landen. Nederland viel ook deze eer te beurt. Tot zelfs in de nkleinste plaatsjes toe wist men deze metalen op te sporen en de gemeentebesturen moesten eraan meewerken, dat het ingeleverde metaal daadwerkelijk bij de Duitsers terecht kwam. Er zijn verschillende soorten vorderingen geweest. Het zou te ver voeren hierop in dit geschrift in te gaan.

8 november 1941
"Engels vliegtuig brandend gevallen bij de Bernisse, nabij vd Linden, 1 man bij het zoeklicht neergekomen en gevangen genomen."

Merkwaardigerwijs vermelden de gegevens van de Luchtmachtvoorlichtingsdienst het volgende:

"Zuidland: 8-11-41 00:59  Stirling RAF, 6 doden, 1 gevlucht
              8-11-41 22:53  Wellington RAF, 5 doden, 1 krijgsgevangene 

 Hekelingen 8-11-41  00:50  Stirling RAF, 6 doden"

Er zijn op die dag geen twee vliegtuigen in de omgeving van Zuidland terecht gekomen. Er klopt dus iets niet in de aanduiding van de plaatsen. Wellicht is de Stirling abusievelijk dubbel genoteerd, de tijden komen nl. vrij aardig overeen. Het vliegtuig dat van der Pols vermelde is zeer waarschijnlijk de Wellington.